Het gros van de paardenzaken speelt zich af op het gebied van de koop en verkoop. In de praktijk kunnen zich hierbij de volgende problemen of vragen voordoen die aan een paardenadvocaat worden voorgelegd:

Bij de verkoop is geen schriftelijke overeenkomst getekend. Hoe kan men bepalen wat er is afgesproken?

Een overeenkomst hoeft niet altijd op papier te staan. Een mondelinge overeenkomst is net zo geldig als een schriftelijke overeenkomst. Het probleem van een mondelinge overeenkomst is alleen wel dat dit achteraf vaak lastig te bewijzen is. Het bewijzen van een mondelinge overeenkomst kan door middel van getuigen die aanwezig waren bij het gesprek of door bijvoorbeeld e-mails of whats-app berichten waaruit bepaalde afspraken blijken.

De verkoper heeft onjuiste mededelingen gedaan over het paard, waardoor de koper een verkeerde voorstelling van zaken had. Wat zijn de juridische mogelijkheden?

Er is sprake van 'dwaling' indien door de onjuiste mededelingen van de verkoper bij de koper een verkeerde voorstelling van zaken is ontstaan. De koper kan dan de vernietiging van de overeenkomst inroepen. Indien de verkoper hier niet vrijwillig aan mee werkt, kan de koper naar de rechter stappen en de vernietiging van de overeenkomst in rechte vorderen.

Koper en verkoper zijn een proeftijd overeengekomen maar zijn het niet eens over de reden waarom de koper van de koop af mag zien.

Indien bij het overeenkomen van een proeftijd niet duidelijk wordt afgesproken waarvoor de proeftijd wordt afgesproken, kan men hier later discussie over krijgen. Het is dan soms niet duidelijk om welke reden de koper van de koop mag afzien. Mag dit omdat er geen klik is tijdens het rijden, het paard niet in de kudde past of omdat de koper spijt heeft van de (impuls)aankoop? Moet de koper een bepaalde vergoeding betalen indien het paard tijdens de proeftijd wordt teruggebracht? Wat mag de koper tijdens de proefperiode met het paard doen? Voor wiens rekening komen de kosten van het paard tijdens de proefperiode? Deze vragen kunnen ontstaan en discussie opleveren indien dit vooraf niet duidelijk met elkaar is afgesproken. Het is dus van belang dat koper en verkoper vooraf duidelijke afspraken maken bij een proefperiode en daarbij bovenstaande bespreken. Het is aan te bevelen om de gemaakte afspraken op papier vast te leggen, zodat ook later duidelijk is welke afspraken er zijn gemaakt.

De koper is van mening dat het gekochte paard gebreken heeft, de verkoper is het hier niet mee eens. Wie moet als eerste juridische stappen ondernemen en welke stappen zijn dit?

Als de koper ontevreden is over het paard zal hij hiervan melding moeten maken bij de verkoper. De koper moet dus klagen. Het is aan de koper om de ontbinding in te roepen. Als de verkoper niet aan de ontbinding wenst mee te werken, ligt het op de weg van de koper om naar de rechter te stappen. Om de overeenkomst te ontbinden is het van belang dat het paard niet geschikt is voor het gebruiksdoel waarvoor het is gekocht en dat het gebrek al voor de koop bij het paard aanwezig was. Op wie de bewijslast rust zal afhangen van het feit of er al dan niet sprake is van een consumentenkoop (de koper is dan consument/particulier en de verkoper handelt dan in beroep of bedrijf).

Wat is een verborgen gebrek en hoe kan men dit aantonen?

Een verborgen gebrek is een gebrek dat bij het sluiten van de koop nog niet bekend was. Het gebrek komt dus pas aan het licht als het paard al aan de koper is geleverd. Het gebrek zelf en het ontstaansmoment kan men aantonen door bijvoorbeeld dierenartsverklaringen of verklaringen van getuigen.

De koper heeft voorafgaand aan de koop geen onderzoek naar het paard gedaan. Wat zijn hiervan de juridische gevolgen?

De koper heeft een onderzoeksplicht. Op de koper rust de plicht om te onderzoeken of het paard geschikt is voor het doel waarvoor het gekocht wordt. Dit onderzoek kan op verschillende manieren worden uitgevoerd en zal afhankelijk zijn van het doel waarvoor het paard wordt aangekocht. Het onderzoek kan bestaan uit het bezichtigen van het paard, vragen stellen en informatie inwinnen, testrijden op het paard en het laten uitvoeren van een keuring door een dierenarts. Vandaag de dag komt een koper niet meer onder een dierenarts keuring uit.

Indien een koper niet aan de onderzoeksplicht heeft voldaan, is de kans klein dat de koper een succesvol beroep kan doen op de juridische gevolgen van een gebrek.

Op de verkoper rust een mededelingsplicht. De koper mag (tot op zekere hoogte) op mededelingen van de verkoper vertrouwen.

De koper is van mening dat het paard een gebrek heeft en maakt hiervan melding bij de verkoper. Wanneer moet de koper deze melding doen en wat zijn de juridische gevolgen indien de melding niet correct of niet tijdig is gedaan?

Als de koper van mening is dat het paard een gebrek heeft, dan moet de koper hierover bij de verkoper klagen. Het moet voor de verkoper duidelijk zijn dat de koper niet tevreden is. Volgens de wet moet de koper binnen 'redelijk bekwame tijd' klagen na het ontdekken van de klacht of nadat de klacht ontdekt had kunnen worden. Dit is een zeer vage formulering. In de praktijk komt het er op neer dat de koper zo spoedig mogelijk moet klagen nadat hij of zij meent dat er sprake is van een gebrek. De koper hoeft niet direct bij het eerste 'symptoom' te klagen, maar mag eerst onderzoeken of en wat er met het paard aan de hand is. De koper moet bij dit onderzoek wel voortvarend te werk gaan. De wet geeft aan dat bij een consumentenkoop een klacht binnen een termijn van twee maanden na het ontdekken van het gebrek nog tijdig is. De sanctie op niet tijdig klagen is niet mals. Bij niet tijdig klagen, kan de koper namelijk geen succesvol beroep meer doen op de juridische gevolgen van het gebrek.

Het paard stond tijdens de onderhandelingen op een trainingsstal, maar blijkt daar achteraf in opdracht van de eigenaar te hebben gestaan. Wie is de verkoper van het paard en wie zijn de contractspartijen?

In de paardenwereld komt het vaak voor dat er gewerkt wordt met een tussenpersoon. Door een tussenpersoon is het niet altijd duidelijk wie de daadwerkelijke koper of verkoper is en wie dus de contractspartijen zijn. Het is aan te bevelen om hierover navraag te doen. Een en ander is onder meer van invloed op het antwoord van de vraag of er al dan niet sprake is van een consumentenkoop en de daarmee samenhangende regels voor de klachttermijn en bewijslast en voor het dagvaarden en de vraag wie in de procedure als procespartij betrokken moet worden.

De koper koopt een paard en na verloop van tijd neemt de eigenaar contact op die zegt niets van de verkoop te weten en niet met de verkoop in te stemmen. Hij of zij wil zijn paard terug. Wat zijn de rechten van de koper?

Hoe vervelend deze situatie ook is, helaas komt het af en toe in de praktijk voor. Een verkoop, de levering en daarmee samenhangende eigendomsoverdracht moet aan diverse juridische voorwaarden voldoen. Een koper die een paard in goed vertrouwen koopt van iemand die juridisch niet in staat is om het paard te verkopen, wordt door de wet beschermd ook indien niet correct aan de juridisch voorwaarden wordt voldaan. Dit wordt derdenbescherming genoemd. De oorspronkelijke eigenaar kan het paard bij de koper terugvorderen, maar de koper kan een beroep doen op deze derdenbescherming. Of de derdenbescherming van toepassing is zal afhangen van de omstandigheid of de koper in goed vertrouwen heeft gehandeld. Indien er omstandigheden waren op grond waarvan bij de koper een belletje had moeten rinkelen dat er iets niet pluis was met de verkoop, dan kan hij of zij in principe geen succesvol beroep doen op de derdenbescherming.

Waarom keurt men een paard vooraf aan de koop? Welke keuringen zijn juridisch zinvol?

Een paard wordt voorafgaand aan de koop gekeurd om te onderzoeken of het paard geschikt is voor het doel waarvoor het wordt gekocht. Het gebruiksdoel is bepalend voor de keuring die men uit zal moeten voeren. Een klinische keuring zal bijvoorbeeld kunnen volstaan voor een gezeldschapspony, terwijl dit voor een Grand Prix dressuurpaard onvoldoende zal zijn.

Rechtsbijstandverzekering?

Ook indien u een rechtsbijstandverzekering heeft, kunt u wellicht gebruik maken van de dienstverlening van de hippisch recht advocaat van Reus Advocatuur. Voor meer informatie kunt u contact met kantoor opnemen: 0592- 269 881

Bent u benieuwed naar wat Reus Advocatuur voor u kan beteken? Lees dan verder op onze andere pagina's over Hippisch recht / Paardenzaken. Of maak een afspraak voor ons gratis spreekuur!